Bijlage 17 Uitvoeringsregeling energieprogramma's: programma, bedragen en perioden, bedoeld in artikel 1 en 3 van de Uitvoeringsregeling energieprogramma's
Uitvoeringsregeling energieprogramma's
- A. Programma warmtevoorziening Het doel van het programma Warmtevoorziening is het bewerkstelligen van een zo volledig mogelijke benutting van laagwaardige warmte die vrijkomt bij de opwekking van elektriciteit (W/K) en andere thermische processen, ten behoeve van ruimteconditionering (verwarming, koeling) en warm tapwater, via collectieve voorzieningen. Daartoe worden demonstratie- en marktintroduktieprojecten ondersteund, die de mogelijkheden van energiebesparing door restwarmtebenutting verbreden en aantonen. Het programma is ingedeeld in drie onderdelen: De mate waarin een project bijdraagt aan de realisering van de doelstellingen van het programma wordt tevens bepaald door de volgende aspecten: Toelichting op de bovengenoemde aspecten: ad a. De haalbaarheid van de projecten moet afdoende zijn aangetoond. Voor beoordeling van een project wordt, naast een inschatting van de technische en financieel/economische haalbaarheid, tevens rekening gehouden met factoren van organisatorische en bestuurlijke aard, alsmede met de financiële draagkracht van de aanvrager. ad b. Bij de bepaling van de milieuverdienste wordt rekening gehouden met: ad d. Een schatting dient te worden gemaakt van de uiteindelijk bereikbare penetratie van een maatregel, met de daarbij behorende energiebesparing. Voorts worden in aanmerking genomen eventuele andere belemmerende factoren die aanwezig zijn, zelfs als het project als zodanig tot een positief resultaat leidt. Aan de doelstelling van het programma kunnen voor wat betreft de onderdelen 1 en 3 bijdragen met name energiedistributiebedrijven die warmte leveren voor ruimteconditionering en/of W/K-installaties exploiteren en andere exploitanten van decentrale W/K-installaties. Voor wat betreft onderdeel 2 kunnen bijdragen met name installatiebedrijven die voorzieningen ontwerpen en uitvoeren voor warmte/koude-transport en -distributie.
- 1. Vergroting van de bedrijfstijd van decentraal opgestelde W/K-installaties Dit onderdeel richt zich op vergroting van de bedrijfstijd van decentraal opgestelde W/K-installaties met minimaal 1500 uur door in de perioden dat de warmtebehoefte voor ruimteverwarming laag of afwezig is, de vrijkomende warmte te benutten voor koeling waarbij zo mogelijk de warmte, resp. koude wordt opgeslagen tot de behoefte daaraan zich wel voordoet. In 1994 komt voor subsidie in aanmerking een demonstratie- of marktintroduktieproject dat gericht is op absorbtiekoeling, waarbij gebruik wordt gemaakt van de restwarmte van een decentraal opgestelde W/K-installatie ter vergroting van de bedrijfstijd van een uitsluitend warmte-volgende W/K-installatie. Ter verdere vergroting van de bedrijfstijd dient systeemoptimalisatie plaats te vinden door koude- of warmtebuffering met de daarbij behorende procesregeling.
- 2. Lage temperatuursystemen Dit onderdeel richt zich op lage temperatuursystemen voor ruimteverwarming (LT-systemen) bij eindgebruikers. Hieronder worden verwarmingssystemen verstaan die zijn ontworpen voor een lagere aanvoer- en retourtemperatuur dan de tot nu toe gebruikelijke temperaturen (90/70 °C), bijvoorbeeld 90/50 °C of indien mogelijk 80/40 °C. Bij warmtelevering vanuit een stoom- en gasturbine installatie (steg), resulteert dit, bij gelijke inzet van primaire brandstof, in een vergroting van de warmteafzet, gepaard aan een verhoogde elektriciteitsproduktie. Daardoor wordt een additionele besparing bereikt. Toepassing van dit systeem, aangesloten op een HR-ketel, kan het gebruiksrendement op jaarbasis met 5 tot 10% verbeteren. In 1994 komen voor subsidie in aanmerking: Bijzondere aandacht verdient de wijze waarop de meerkosten bij de eindgebruiker kunnen worden gecompenseerd. Hierbij kan worden gedacht aan prijsreductie per benutte primaire GJ, of aan een eenmalige bijdrage. De minimale hoogte van de meerkosten dient te worden onderzocht;
- een demonstratie- of marktintroduktieproject, gericht op het aantonen van het energetisch voordeel van lage temperatuursystemen, aangesloten op een stadsverwarmingssysteem. Het moet daarbij gaan om een groep huishoudens, groot genoeg om algemene conclusies te kunnen trekken.
- een demonstratie- of marktintroduktieproject, gericht op het aantonen van het energetisch voordeel van lage temperatuursystemen, aangesloten op een Hoog-Rendement ketel.
- 3. Hot-fill toepassingen Dit onderdeel richt zich op de toepassing van hotfill-apparatuur, vaatwasmachines, wasmachines en wasdrogers, gevoed vanuit een stadsverwarmingssysteem. Hierdoor wordt de warmte-afzet vergroot, waardoor het warmtenet beter wordt benut. Uiteindelijk verbetert hierdoor het rendement. In 1994 komt voor subsidie in aanmerking een demonstratie- of marktintroduktieproject, gericht op het aantonen van het energetisch voordeel van het gebruik van hot-fill apparatuur, gevoed vanuit een stadsverwarmingssysteem. Het moet daarbij gaan om een groep huishoudens, groot genoeg om algemene conclusies te kunen trekken. Voor de apparatuur dient gebruik te worden gemaakt worden van commercieel verkrijgbare hot-fill apparatuur dan wel van conventionele apparatuur die als hot-fill kan worden bedreven.
- a. de slaagkans van het project;
- b. de milieuverdienste van het project;
- c. de relevantie voor andere doelstellingen van overheidsbeleid en de aansluiting op internationale ontwikkelingen;
- d. de mate waarin het project reproduceerbaar is en de mate waarin verwacht mag worden dat resultaten van het project -indien positief tot verdere verbreiding van de techniek zullen leiden.
- de mate waarin CO2-emissie wordt vermeden (ton/jaar);
- de mate waarin emissies van andere milieuschadelijke stoffen wordt gereduceerd;
- B. Budget Het bedrag dat beschikbaar is voor het doen van subsidietoezeggingen op in 1994 ontvangen aanvragen met betrekking tot het programma Warmtevoorziening bedraagt f 900.000,-
- C. Aanvraagperiode Aanvragen met betrekking tot het programma Warmtevoorziening moeten zijn ontvangen in de periode van 1 juni 1994 tot en met 30 november 1994. Nadere informatie is verkrijgbaar bij: Novem, postbus 17, 6130 AA Sittard tel. 046 - 595295