Art. 5 Spaarloonregeling rechterlijke ambtenaren
Spaarloonregeling rechterlijke ambtenaren
1. De Minister stort het op het salaris ingehouden spaarbedrag onmiddellijk op het door de rechterlijk ambtenaar opgegeven bank- of gironummer van de financiële instelling ten gunste van diens spaarloonrekening respectievelijk ten gunste van de afgesloten levensverzekering.
2. Op de spaarloonrekening mogen, behoudens de periodieke rentebijschrijvingen, geen andere stortingen worden verricht.