Art. 4 BWOO, Recht op uitkering
Besluit Werkloosheid onderwijs- en onderzoekpersoneel (BWOO)
Recht op uitkering ontstaat voor een betrokkene, indien hij:
a. in de periode van 39 weken onmiddellijk voorafgaande aan de eerste dag van werkloosheid in ten minste 26 weken arbeid heeft verricht; en
b. .
1°. aantoont in de periode van vijf kalenderjaren onmiddellijk voorafgaande aan het jaar waarin zijn eerste werkloosheidsdag is gelegen, in ten minste vier kalenderjaren over 52 of meer dagen per jaar loon te hebben ontvangen; of
2°. onmiddellijk voorafgaande aan of op zijn eerste dag van werkloosheid recht heeft op een uitkering op grond van een wet als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onder b, c of d
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- CRvB 19 oktober 2005, ECLI:NL:CRVB:2005:AU5156
- CRvB 1 juni 1999, ECLI:NL:CRVB:1999:AA8801
- Rb. 's-Hertogenbosch 18 november 1999, ECLI:NL:RBSHE:1999:AA4622
- Rb. Middelburg 29 januari 1997, ECLI:NL:RBMID:1997:ZF0238
- CRvB 22 januari 2009, ECLI:NL:CRVB:2009:BH1654
- CRvB 22 november 2007, ECLI:NL:CRVB:2007:BB9413
- CRvB 19 mei 2004, ECLI:NL:CRVB:2004:AP0591
- CRvB 10 augustus 1999, ECLI:NL:CRVB:1999:AA8652