Art. 17j MOT, Het toezicht
Wet melding ongebruikelijke transacties (MOT)
1. De bevoegdheid tot het opleggen van een bestuurlijke boete vervalt indien ter zake van de overtreding op grond waarvan de boete kan worden opgelegd, tegen de overtreder een strafvervolging is ingesteld en het onderzoek ter terechtzitting een aanvang heeft genomen, dan wel een strafbeschikking is uitgevaardigd.
2. Het recht tot strafvervolging met betrekking tot een overtreding van de artikelen genoemd in artikel 17d vervalt, indien Onze Minister van Financiën ter zake van die overtreding reeds een boete heeft opgelegd.