Art. 2 Verordening op de kostenvergoedingen
Verordening op de kostenvergoedingen
1. Als reiskosten en reistijdkosten worden ten hoogste vergoed de kosten voor de reiziger om langs de kortste weg van zijn woon- of verblijfplaats te komen naar zijn plaats van bestemming en terug, voor zover zij werkelijk zijn gemaakt.
2. Voor buitenlandse reizen met vervoermiddelen anders dan de personenauto, worden de vervoerbewijzen verzorgd door het bureau van de NOvAA.
3. Het bestuur stelt vast met welk vervoermiddel buitenlandse reizen plaatsvinden.