Art. 28 Reglement van Orde van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, Vormen van mondeling overleg
Reglement van Orde van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Een mondeling overleg met een minister kan:
a. betrekking hebben op een in handen van een commissie gesteld voorstel van wet (wetgevingsoverleg);
b. betrekking hebben op een in handen van een commissie gestelde begroting dan wel onderdeel daarvan (begrotingsoverleg);
c. betrekking hebben op een ander in handen van een commissie gesteld stuk (notaoverleg);
d. gericht zijn op het geregeld van gedachten wisselen over het algemeen beleid (algemeen overleg).