Art. 7 Asbest-verwijderingsbesluit, Objecten
1. Verwijderd asbest en met asbest verontreinigd afval dienen onmiddellijk te worden verzameld en in afgesloten niet-luchtdoorlatend verpakkingsmateriaal te worden opgeslagen.
2. Indien asbest als bedoeld in het eerste lid, door vorm of formaat niet in niet-luchtdoorlatend verpakkingsmateriaal kan worden opgeslagen, dient het asbest in een afgesloten container te worden opgeslagen.
3. Niet-luchtdoorlatend verpakkingsmateriaal, waarin asbest is opgeslagen als bedoeld in het eerste lid, wordt opgeslagen in een afgesloten container of afgesloten opslagplaats.
4. Niet-luchtdoorlatend verpakkingsmateriaal of containers, waarin asbest is opgeslagen als bedoeld in het eerste, tweede of derde lid, worden:
a. op duidelijke wijze voorzien van de aanduidingen voorgeschreven op grond van het Productenbesluit asbest en
b. zodanig afgevoerd dat verontreiniging van het milieu met asbest wordt voorkomen.