Art. 30 Zeebrievenbesluit van Curaçao en Sint Maarten, Het voeren van de Nederlandse vlag

Zeebrievenbesluit van Curaçao en Sint Maarten

1. Van elk zeeschip, waarvoor bij of krachtens dit besluit een zeebrief of een vergunning tot het voeren van de Nederlandse vlag is verleend, moet door de zorg van de eigenaar of de rompbevrachter de naam van het zeeschip en de naam van de thuishaven van het zeeschip in Curaçao, onderscheidenlijk Sint Maarten met duidelijke, goed zichtbare letters op het achterschip zijn vermeld.

2. Het in het eerste lid bepaalde voor wat betreft de naam van de thuishaven is niet van toepassing in de periode waarin ingevolge artikel 33, eerste lid, het recht de Nederlandse vlag te voeren tijdelijk is opgeschort. Indien zulks het geval is draagt de eigenaar er zorg voor dat de naam van de thuishaven in Curaçao, onderscheidenlijk Sint Maarten degelijk wordt verwijderd.