Art. 3.30 WLV, Diverse bepalingen

Wet luchtvaart (WLV)

1. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan op aanvraag bewijzen van bevoegdheid afgeven: De artikelen 2.1, tweede lid, aanhef en onderdeel c, vierde en vijfde lid, 2.2, 2.3 en 2.5 tot en met 2.10 zijn van overeenkomstige toepassing.

a. voor het zonder toezicht verrichten van onderhoud aan luchtvaartuigen;

b. waarmee de houder in aanmerking komt om door een erkend onderhoudsbedrijf gemachtigd te worden om namens dat bedrijf werkzaamheden te mogen vrijgeven.

2. Behoudens artikel 3.25 is het verboden zonder toezicht onderhoud aan burgerluchtvaartuigen te verrichten indien het daarvoor geldige bewijs van bevoegdheid ontbreekt.

Uitspraken die dit artikel aanhalen