Art. 1 Onderwerpen centraal examen aardrijkskunde v.w.o., m.a.v.o., l.b.o. C/D (USSR)

Onderwerpen centraal examen aardrijkskunde v.w.o., m.a.v.o., l.b.o. C/D (USSR)

1. De structuur van het h.a.v.o.-onderwerp ‘USSR’, zoals dat voor het eerst in het schooljaar 1991 – 1992 in het centraal (schriftelijk) examen aan de orde komt, wordt vastgesteld als in de bijlage 1 bij deze regeling omschreven.

2. De onderwerpen voor het centraal (schriftelijk) examen m.a.v.o. en l.b.o. C/D in het schooljaar 1991/1992 zijn:

I Stedelijke gebieden in Nederland, zoals in bijlage 2 is omschreven;

II In afwijking van de omschrijving in bijlage 1 bij de regeling d.d. 16 april 1989, kenmerk VO/AV/BE-894375 (Uitleg OenW-Regelingen nr. 11 van 26 april 1989): Duitsland - consequenties van de hereniging van beide Duitslanden; het in genoemde bijlage onder A,B,C en D gestelde geldt als stofomschrijving;

III Indonesië als ontwikkelingsland, zoals omschreven in bijlage C van circulaire DGVO 13687 C860047 d.d. 14 mei 1986.