Art. 33b Wtb, Dwangsom en bestuurlijke boete

Wet toezicht beleggingsinstellingen (Wtb)

1. Onze Minister kan een last onder dwangsom opleggen ter zake van overtreding van voorschriften gesteld bij of krachtens de artikelen 4, eerste en tweede lid, 5, eerste lid, 6, derde, vijfde en zesde lid, eerste volzin, 8, 10, 11, eerste lid, 12, eerste tot en met derde en zevende lid, 12a, 14, tweede lid, 14a, tweede lid, 16, derde tot en met vijfde lid, 17a, eerste tot en met vierde en zesde tot en met achtste lid, 17b, tweede lid, 17c, tweede en derde lid, 19, tweede en derde lid, voor zo ver het betreft het voorschrift van artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht en het voorschrift inzage te verlenen in zakelijke gegevens en bescheiden, 20, eerste en tweede lid, 21, derde en zesde lid, onder a, 22, 22a, tweede tot en met vierde lid, 27c, tweede en derde lid.

2. De artikelen 5:32, tweede tot en met vijfde lid, en 5:33 tot en met 5:35 van de Algemene wet bestuursrecht zijn van toepassing.

3. Onze Minister kan regels stellen ter zake van de uitoefening van de bevoegdheid bedoeld in het eerste lid.