Art. 1 Erkenningsregeling ijkbevoegden
Erkenningsregeling ijkbevoegden
In deze regeling wordt verstaan onder:
de IJkwet (Stb. 1989, 10);
de richtlijn nr. 90/384/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 20 juni 1990 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen van de Lid-Staten inzake niet-automatische weegwerktuigen (PbEG L 189);
degene die een erkenning als ijkbevoegde aanvraagt;
werkzaamheden als bedoeld in artikel 26 van de wet, welke door een ijkbevoegde worden verricht;
het geheel van mensen, middelen, handelingen en voorzorgen dat direct verband houdt met de keuring van meetmiddelen;
meetmiddelen, standaarden en referentiematerialen, welke worden gebruikt bij de werkzaamheden op het verrichten waarvan de aanvraag is gericht;
het uit twee delen bestaande ijkmerk, bedoeld in artikel 13, eerste lid, van de wet;
het afkeuringsmerk, bedoeld in artikel 13, derde lid, van de wet;
het voorwerp met gebruikmaking waarvan of door het aanbrengen waarvan voorwerpen als bedoeld in artikel 10 van de wet van ijkmerken of afkeuringsmerken worden voorzien;
het geheel van mensen, ijkmiddelen en merkmiddelen alsmede handelingen en voorzorgen dat waarborgt dat de ijkmiddelen en merkmiddelen, noodzakelijk voor het goed uitoefenen van de werkzaamheden van een ijkbevoegde, blijvend voor het doel geschikt zijn.