Art. 3 Nadere regeling inrichting opleidingen tuin- en landschapsarchitecten

Nadere regeling inrichting opleidingen tuin- en landschapsarchitecten

Aan het bepaalde in artikel 2 wordt in elk geval voldaan door degene die in het bezit is van een van de volgende getuigschriften:

a. het getuigschrift van het met goed gevolg afgelegd doctoraal examen aan de Landbouwuniversiteit te Wageningen in de landschapsarchitectuur omvattende de oriëntaties:

1º landschapsarchitectuur urbaan

2º landschapsarchitectuur ruraal of

3º landschapsarchitectuur in de niet gematigde klimaten:

b. het getuigschrift van het met goed gevolg afgelegd doctoraal examen aan de Landbouwuniversiteit te Wageningen in de landschapsarchitectuur: NM 20 of L 11; of

c. het getuigschrift van het met goed gevolg afgelegd examen, verbonden aan de opleiding van de tweede fase, opleiding voor beroepen op het terrein van landschapsarchitectuur, afgegeven aan de Academie van Bouwkunst te Amsterdam.