Art. 4 Voorschriftenbesluit registerloodsen, Algemene voorschriften met betrekking tot het loodsen
Voorschriftenbesluit registerloodsen
De registerloods doet, zo nodig via de marifoon, onverwijld melding aan de bevoegde autoriteit of aan een opsporingsambtenaar, van:
a. tekortkomingen of bijzonderheden ten aanzien van het schip dat hij loodst, die de veiligheid van het schip, de opvarenden of de omgeving naar zijn oordeel kunnen schaden;
b. overtreding door anderen van de wettelijke voorschriften gegeven ter bescherming van de belangen, bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Scheepvaartverkeerswet (Stb. 1988, 352);
c. een scheepsramp als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Schepenwet (Stb. 1909, 219);
d. bijzonderheden met betrekking tot een scheepvaartweg of verkeerstekens en overige navigatiehulpmiddelen; en
e. het verlies van ankers, trossen of kettingen, dan wel van lading die hinder kan veroorzaken, alsmede van de positie daarvan.