Art. 33 Beschikking superheffing 1988, Vaststelling, oplegging, inning en doorberekening van de heffing
Voor de vaststelling en oplegging van de heffingen, bedoeld in de artikelen 2, 3 en 4 wordt geen rekening gehouden met rechtshandelingen waarvan op grond van de omstandigheid dat zij geen wezenlijke verandering van feitelijke verhoudingen hebben ten doel gehad, of op grond van andere bepaalde feiten en omstandigheden moet worden aangenomen, dat zij zouden achterwege gebleven zijn indien daarmede niet de vaststelling of oplegging voor het vervolg geheel of ten dele zou worden onmogelijk gemaakt.