Art. 25c Beschikking superheffing 1988, Tijdelijke overdracht van een referentiehoeveelheid dan wel een in artikel 7 bedoelde heffingvrije hoeveelheid

Beschikking superheffing 1988

1. Indien aan een producent een toewijzing van een referentiehoeveelheid, dan wel een in artikel 7 bedoelde heffingvrije hoeveelheid heeft plaatsgehad op grond van een verzoek als bedoeld in artikel 4 van de Beschikking superheffing bijzondere opvolgingssituaties (Stcrt. 1985, 109) of artikel 11 van de Beschikking superheffing bedrijfsopvolgingssituaties onderbezetting (Stcrt. 1986, 92) kan hij geen referentiehoeveelheid dan wel een in artikel 7 bedoelde heffingvrije hoeveelheid tijdelijk overdragen.

2. Referentiehoeveelheden die verkregen zijn op grond van specifieke toewijzingen aan deelnemers van de regeling voor het niet in de handel brengen van melk- en zuivelprodukten en voor de omschakeling van het melkveebestand, als bedoeld in Verordening (EEG) nr. 1078/77 (PbEG L 131), kunnen niet tijdelijk worden overgedragen.

3. Producenten die een overeenkomst hebben gesloten in het kader van het Beëindigingsvergoedingsbesluit (Stcrt. 1972, 221) kunnen geen referentiehoeveelheden dan wel een in artikel 7 bedoelde heffingvrije hoeveelheden tijdelijk overdragen.