Art. 5 Besluit spoorwegbruggen

Besluit spoorwegbruggen

1. De bestuurders kunnen eigener beweging zorgdragen of dragen, indien Onze Minister zulks bepaalt, zorg dat boven elke doorvaartopening vaste tekens worden getoond overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 6.25 en 6.26, vijfde lid, van het Binnenvaartpolitiereglement.

2. Bij hefbruggen wordt voor de toepassing van het in het eerste lid bepaalde onder gesloten toestand mede verstaan het in gedeeltelijk geheven toestand verkeren van de hefbrug.