Art. 1 C- en D- eindexamenprogramma's voor Nederlandse taal en moderne vreemde talen, Algemeen

C- en D- eindexamenprogramma's voor Nederlandse taal en moderne vreemde talen

Als hoofddoelstelling van het onderwijs in de moderne vreemde talen op C- en D-niveau geldt het kunnen communiceren in de vreemde taal. Het examenprogramma berust op deze visie op het onderwijs in moderne vreemde talen. Het moderne vreemde talen-onderwijs in de eerste fase van het voortgezet onderwijs dient functioneel/communicatief gericht te zijn. Derhalve zal ook het examen dezelfde gerichtheid moeten vertonen. Dit betekent in de eerste plaats, dat ook voor de vorm en de inhoud van de examens geldt, dat de huidige en toekomstige behoeften van de leerlingen met betrekking tot de vreemde taal het uitgangspunt vormen. Het wil verder zeggen, dat de beheersing van en de vertrouwdheid met de vreemde taal wordt getoetst in zoveel mogelijk levensechte situaties waarin de kandidaten zich kunnen herkennen, resp. waarmee zij zich kunnen identificeren. Deze situaties zijn beperkt voor wat betreft het aantal onderwerpen dat aan bod komt, de rollen die de kandidaten moeten kunnen vervullen, het vocabulaire en de structuren vereist voor het vervullen van de taalfuncties, doch niet voor wat betreft het aantal taalfuncties dat zij produktief en receptief moeten beheersen.

Goede voorbeelden van in het examenprogramma aangegeven onderwerpen, rollen en functies, geschikt voor C- en D-kandidaten, zijn te vinden in: dr. J. A. van Ek, "The Threshold Level of Modern Language Learning in School", Council of Europe, Strasbourg 1976, WNL Groningen 1977, Chapter 3, I, II, III.

In de hierna volgende paragrafen zullen de doelstellingen van het onderwijs in de moderne vreemde talen nader worden uitgewerkt. Daarbij wordt in het algemeen geen onderscheid tussen C- en D-niveau gemaakt. De beide niveaus onderscheiden zich namelijk niet zo zeer wat de doelstellingen betreft als wel door

- kwantitatieve verschillen (meer onderwerpen en meer boeken resp. artikelen bij D, grotere receptieve woordenschat)

- kwalitatieve verschillen (meer diepgang, hoger abstractieniveau, meer nuancering bij D).