Art. 25 Bees A, Toepassing van factoren op enkele emissie-eisen met betrekking tot de uitworp van stikstofoxiden, gesteld in de paragrafen 1 en 2

Besluit emissie-eisen stookinstallaties milieubeheer A (Bees A)

1. Een emissiegrenswaarde die ingevolge artikel 24 in de plaats treedt van de in artikel 16, vierde lid, aanhef en onder a, genoemde emissiegrenswaarde bedraagt ten hoogste:

a. voor een stookinstallatie als bedoeld in artikel 24, vierde lid:

1°. 700 milligram per normaal kubieke meter, indien de stookinstallatie een thermisch vermogen heeft van minder dan 50 megawatt;

2°. 450 milligram per normaal kubieke meter, indien de stookinstallatie een thermisch vermogen heeft van 50 megawatt of meer, maar minder dan 500 megawatt;

3°. 400 milligram per normaal kubieke meter, indien de stookinstallatie een thermisch vermogen heeft van 500 megawatt of meer;

b. voor een stookinstallatie anders dan bedoeld onder a:

1°. 450 milligram per normaal kubieke meter, indien de stookinstallatie een thermisch vermogen heeft van 50 megawatt of meer, maar minder dan 500 megawatt;

2°. 400 milligram per normaal kubieke meter, indien de stookinstallatie een thermisch vermogen heeft van 500 megawatt of meer.

2. Een emissie-eis die ingevolge artikel 24 in de plaats treedt van de in artikel 16, vierde lid, aanhef en onder b, genoemde emissie-eis mag ten hoogste een waarde hebben van 225 mg/m3.

3. Een emissiegrenswaarde die ingevolge artikel 24 in de plaats treedt van de in artikel 17, eerste lid, onderdeel b, onder 1°, genoemde emissiegrenswaarde, bedraagt ten hoogste:

a. voor een stookinstallatie als bedoeld in artikel 24, vijfde lid:

1°. 500 milligram per normaal kubieke meter, indien de stookinstallatie een thermisch vermogen heeft van minder dan 50 megawatt;

2°. 300 milligram per normaal kubieke meter, indien de stookinstallatie een thermisch vermogen heeft van 50 megawatt of meer, maar minder dan 500 megawatt;

3°. 200 milligram per normaal kubieke meter, indien de stookinstallatie een thermisch vermogen heeft van 500 megawatt of meer;

b. voor een stookinstallatie anders dan bedoeld onder a:

1°. 350 milligram per normaal kubieke meter, indien de stookinstallatie een thermisch vermogen heeft van minder dan 50 megawatt;

2°. 300 milligram per normaal kubieke meter, indien de stookinstallatie een thermisch vermogen heeft van 50 megawatt of meer, maar minder dan 500 megawatt;

3°. 200 milligram per normaal kubieke meter, indien de stookinstallatie een thermisch vermogen heeft van 500 megawatt of meer.