Bijlage II Het begrip ‘eigenbouwen’ in de wet ketenaansprakelijkheid
Het begrip ‘eigenbouwen’ in de wet ketenaansprakelijkheid
1. Is het de bewindslieden bekend dat overheidsondernemingen, in het bijzonder de NV Nederlandse Spoorwegen, een zeer ruime uitleg geven aan het begrip eigenbouwer in de Wet Ketenaansprakelijkheid waardoor alle organisaties welke diensten verlenen aan de overheidsondernemingen, onder die werking van deze wet dreigen te vallen met alle financiële en administratieve rompslomp van dien? 2. Is het de bewindslieden bekend dat – hoewel de parlementaire behandeling van deze wet daartoe geen enkele aanleiding heeft gegeven – het Ministerie van Financiën deze zeer ruime uitleg steunt? 3. Zijn de bewindslieden van mening, dat een rechterlijke toetsing van de stelling van de Nederlandse Spoorwegen en het Ministerie van Financiën feitelijk niet mogelijk is omdat daarvoor eerst het bedrijf dat voor de NS werkt, zou moeten weigeren aan zijn normale belastingverplichting te voldoen? 4. Kunnen de bewindslieden aangeven waar de grenzen van het begrip eigenbouwer naar hun mening moeten liggen? 5. Zijn de bewindslieden bereid te bevorderen, dat art. 33 van de Algemene wet inzake ’s Rijks belastingen zodanig wordt gewijzigd, dat in dit soort situaties een proefprocedure kan worden aangespannen. De NS stelt ten aanzien van bij haar opererende schoonmaakbedrijven welke het dagelijkse en periodieke onderhoud van het materieel verzorgen, dat op die werkzaamheden de Wet Ketenaansprakelijkheid van toepassing is omdat de NS in feite opereert als eigenbouwer en niet als opdrachtgever. Zij onderbouwt deze stelling nauwelijks maar verwijst naar overleg ter zake met de directie verbruiksbelasting van het Ministerie van Financiën. Een dergelijke ruime uitleg stoelt naar de mening van vragenstellers niet op de wet en zou impliceren dat alle specialisatie in een bedrijfskolom prompt tot toepassing van de Wet Ketenaansprakelijkheid leidt. Het bijzondere karakter van de NS met de onmogelijkheid voor het dienstverlenend bedrijf om buiten de terreinen van de NS service te bieden aan treinstellen, accent