Art. E.45 Invoeringswet W.H.B.O., Medezeggenschap onderwijsgemeenschappen HBO-instelling/voortgezet onderwijs
1. Het medezeggenschapsreglement, vastgesteld aan een scholengemeenschap als bedoeld in artikel E.65, eerste lid, geldt met ingang van 1 augustus 1986 als krachtens de W.H.B.O. onderscheidenlijk de Wet medezeggenschap onderwijs vastgesteld aan de instelling die krachtens artikel E.1 uit deze scholengemeenschap voortkomt, onderscheidenlijk aan de scholen en cursussen voor ander voortgezet onderwijs, bedoeld in artikel E.65, eerste lid, met uitzondering van de bepalingen ten aanzien waarvan het bevoegd gezag en de medezeggenschapsraad gezamenlijk constateren dat zij, gezien de veranderingen in de feitelijke situatie, niet kunnen werken in de situatie vanaf 1 augustus 1986. Het bevoegd gezag legt tijdig voor laatstgenoemde datum een voorstel aan de medezeggenschapsraad voor tot aanpassing van het reglement aan de situatie vanaf 1 augustus 1986, voor zover dit uit de veranderingen in de feitelijke situatie noodzakelijkerwijs voortvloeit.
2. Aan de instelling alsmede aan de scholen en cursussen, bedoeld in het eerste lid, wordt voor 1 november 1986 een medezeggenschapsraad gekozen. Het bevoegd gezag en de medezeggenschapsraad, gekozen aan de in het eerste lid bedoelde scholengemeenschap, treffen voor de periode tot aan de verkiezing van de in de eerste volzin bedoelde raad een voorziening voor de uitoefening van de in de wet en het reglement neergelegde medezeggenschapsbevoegdheden.
3. Artikel E.44 is van overeenkomstige toepassing.