Art. 49 Besluit nadere regelen betreffende de stemming Landinrichtingswet

Besluit nadere regelen betreffende de stemming Landinrichtingswet

1. Terstond nadat de stemmen zijn opgenomen, maakt de voorzitter van het hoofdstembureau bekend:

a. het aantal stemgerechtigden, dat een geldige stem heeft uitgebracht;

b. de oppervlakte, waarvoor geldige stemmen zijn uitgebracht;

c. het aantal der onder a bedoelde personen, dat zich vóór de ruilverkaveling heeft uitgesproken en de oppervlakte, waarvoor dezen hun stem hebben uitgebracht;

d. het aantal der onder a bedoelde personen, dat zich tegen de ruilverkaveling heeft uitgesproken en de oppervlakte, waarvoor dezen hun stem hebben uitgebracht;

e. het aantal der stemgerechtigden, dat geen stem dan wel een van onwaarde zijnde stem heeft uitgebracht;

f. de oppervlakte, waarvoor de onder e bedoelde personen stemgerechtigd zijn.

2. Door de in het lokaal aanwezige stemgerechtigden kunnen bezwaren worden ingebracht.