Art. 144 LIW, Bepalingen omtrent het recht van de eigenaar
1. Van het bepaalde in de artikelen 141, tweede lid, 142, tweede lid, en 143, tweede lid, mag worden afgeweken, indien deze bepalingen de totstandkoming van een behoorlijke herverkaveling in de weg zouden staan. Deze afwijking mag, tegen de wil van de eigenaar en van degene, die op de onroerende zaak een recht van hypotheek of van grondrente heeft, niet meer bedragen dan vijf procent van de waarde, waarop de eigenaar ingevolge de artikelen 141, tweede lid, 142, tweede lid, en 143, tweede lid, aanspraak heeft.
2. Indien tengevolge van de in artikel 128 genoemde werkzaamheden waardeverandering ontstaat, kan de landinrichtingscommissie hiermede bij de toedeling rekening houden. Op verzoek van de eigenaar vindt echter verrekening in geld plaats op grondslag van die waardeverandering, voor zover het belang van de herverkaveling zich hiertegen niet verzet.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Rb. Zwolle-Lelystad 4 april 2012, ECLI:NL:RBZLY:2012:BW7849
- Rb. Maastricht 11 februari 2009, ECLI:NL:RBMAA:2009:BH4160
- Rb. Alkmaar 21 april 2011, ECLI:NL:RBALK:2011:BU7524
- Conclusie A-G Rank-Berenschot 17 mei 2013, ECLI:NL:PHR:2013:CA0723
- Conclusie A-G De Vries Lentsch-Kostense 1 september 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AW6182
- Hof Leeuwarden 4 december 2002, ECLI:NL:GHLEE:2002:AF1622