Bijlage R10 RPBO: bij het Rechtspositiebesluit onderwijspersoneel bevattende normfuncties van leraren voortgezet algemeen volwassenenonderwijs, bedoeld in artikel I-R1404, tweede lid

Rechtspositiebesluit onderwijspersoneel (RPBO)

ad a Dit hoofdbestanddeel omvat het zelfstandig organiseren van het onderwijsleerproces, waarbij sprake is van overdracht van kennis en van verstandelijke en creatieve ontwikkeling van leerlingen binnen opleidingen die zijn gericht op het behalen van (onderdelen) van de diploma’s voorbereidend wetenschappelijk onderwijs, hoger algemeen voortgezet onderwijs of middelbaar algemeen voortgezet onderwijs, dan wel binnen opleidingen die zijn gericht op orientatie op en doorstroming naar andere vormen van volwasseneneducatie. De leraar: ad b Dit hoofdbestanddeel betreft uiteenlopende vormen van dienstverlening als bij voorbeeld het verzorgen van cursussen, het ontwikkelen van scholingsprogramma's, het vervullen van adviseurschappen, e.d. Bij het verrichten van werkzaamheden voor derden op contractbasis gaat het om dienstverlening waarbij het potentieel aan onderwijskundige en vakinhoudelijke kennis en ervaring wordt ingezet ten behoeve van bedrijven en andere maatschappelijke instellingen. Door externe opdrachtgeving dient in de financiering te worden voorzien. De leraar: ad c De leraar: Voor zowel de functie van leraar VAVO-A als leraar VAVO-C geldt dat er sprake is van een brede leraarsfunctie. Betrokkenen kunnen namelijk op de onderscheiden onderdelen van de VAVO-instelling worden ingezet. Het verschil tussen de beide functies leraar VAVO wordt bepaald door het in hoofdzaak belast zijn met taken die direct betrekking hebben op het opleiden van leerlingen voor het eindexamenniveau HAVO/VWO (leraar VAVO-A) of het in hoofdzaak belast zijn met taken die direct betrekking hebben op het opleiden van leerlingen voor het eindexamenniveau MAVO (leraar VAVO-C). Het "in hoofdzaak" van de vorige volzin houdt in dat men voor meer dan 50% belast moet zijn met taken die behoren tot het bepalende niveau van de desbetreffende normfunctie. De kleinere helft van de functie kan bestaan uit overige onderwijsgevende werkzaamheden in ruime zin binnen het VAVO, of - bij scholengemeenschappen -