Bijlage III BHVZ

Besluit hygiëne en veiligheid badinrichtingen en zwemgelegenheden (BHVZ)

Bepaling van de minimaal noodzakelijke pompcapaciteit met dien verstande dat de hoeveelheid verpompt water gemiddeld over de openingsuren van een dag niet minder mag bedragen dan 2,0 m3/zwemmer of bader. Hierin is: Q = pompcapaciteit in m3/uur I = de hoeveelheid water waarvoor het bassin is bestemd in m3. T = maximaal aan te houden gemiddelde verblijfstijd van het water in het bassin in uren. Voor bassins of gedeelten van bassins geldt: Bij gebruik van ozon als oxydatiemiddel mag zowel de genoemde hoeveelheid van 2,0 m3/zwemmer of bader als de met de formule berekende pompcapaciteit door 1,2 worden gedeeld.