Art. 6.11 BPR, Verbod tot voorbijlopen door tekens langs de vaarweg
Binnenvaartpolitiereglement (BPR)
Een schip mag een ander schip niet voorbijlopen:
a. in een vak van of op een plaats in de vaarweg, aangeduid door het teken A.2 (bijlage 7);
b. in het geval van samenstellen onderling, in een vak van of op een plaats in de vaarweg, aangeduid door het teken A.3 (bijlage 7);
c. in een vak van of op een plaats in de vaarweg, aangeduid door het teken A.4 of A. 4.1 (bijlage 7).
Het in de aanhef en onder b en c bedoelde verbod geldt niet, ingeval een der samenstellen een duwstel is, waarvan de grootste lengte en de grootste breedte niet meer dan 110 m respectievelijk 12 m bedragen.