Art. 9a Regeling uitgiftevoorwaarden grondbankstelsel, Voorwaarden bij uitgifte aan één natuurlijk persoon
Regeling uitgiftevoorwaarden grondbankstelsel
1. De erfpachter doet afstand van alle aanspraken die hij tegenover de eigenaar zou kunnen doen gelden wegens schade bij de uitoefening van de erfpacht door welke oorzaak ook ontstaan. Hij vrijwaart de eigenaar voor alle vorderingen die anderen doen gelden tot vergoeding van schade die met de uitoefening van het recht in verband staat.
2. Onder uitoefening van de erfpacht bedoeld in het eerste lid, wordt mede verstaan opruiming van wat in, op of boven de erfpachtzaak aanwezig is.