Art. 37 Metroreglement, Albums

Metroreglement

In een album, dat steeds wordt bijgehouden, worden vermeld:

A. voor al het rollend materieel:

1. volgnummer, naam en woonplaats van de fabrikant en het jaar waarin het voertuig is afgeleverd;

2. korte omschrijving van het voertuig;

3. type van de zelfwerkende rem;

4. gewicht van het voertuig in dienstvaardige toestand en de grootste asdruk;

5. remgewicht, indien het voertuig met in dienst gestelde rem mag rijden op andere spoorwegen waarop de Spoorwegwet of de Locaalspoor- en Tramwegwet van toepassing is;

6. constructief toegestane snelheid;

B. voor krachtvoertuigen, al dan niet rechtstreeks voortbewogen door een of meer verbrandingsmotoren:

1. type en hoofdafmetingen van de motoren;

2. grootste toegelaten aantal omwentelingen van de motoren per minuut;

3. continuvermogen van de motoren in kW;

4. type van koelinrichting;

5. inhoud van de brandstoftanks;

6. type van de krachtoverbrenging tussen de motoren en de aangedreven assen;

C. voor krachtvoertuigen voortbewogen door een of meer elektromotoren:

1. type en maximumspanning van de tractiemotoren;

2. grootste toegelaten aantal omwentelingen van de tractiemotoren per minuut;

3. aantal en continuvermogen van de tractiemotoren in kW.