Art. 49 Wgh, Gevolgen van de zonevaststelling of -wijziging ten aanzien van bestemmingsplannen
Bij de beslissing op een aanvraag om een omgevingsvergunning waarbij met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2° of 3°, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, voor zover het betreft een afwijking voor een termijn langer dan tien jaar van het bestemmingsplan wordt afgeweken, die geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden die behoren tot een zone, worden ter zake van de geluidsbelasting, vanwege het industrieterrein, van de gevel van woningen, van andere geluidsgevoelige gebouwen en aan de grens van geluidsgevoelige terreinen binnen de zone de waarden in acht genomen, die bij of krachtens de artikelen 44 tot en met 47, de Experimentenwet Stad en Milieu alsmede de Interimwet stad-en-milieubenadering als de ten hoogste toelaatbare worden aangemerkt.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS 4 april 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1123
- ABRvS 14 maart 2007, ECLI:NL:RVS:2007:BA0619
- ABRvS 12 juni 2006, ECLI:NL:RVS:2006:AX9016
- ABRvS 31 mei 2006, ECLI:NL:RVS:2006:AX6340
- ABRvS 5 oktober 2005, ECLI:NL:RVS:2005:AU3779
- ABRvS 16 maart 2005, ECLI:NL:RVS:2005:AT0551
- ABRvS 12 januari 2005, ECLI:NL:RVS:2005:AS2198