Art. 13d Wet op de dierproeven, Dierproeven en projecten
Dieren die zijn gebruikt of bestemd waren om te worden gebruikt in een dierproef kunnen worden vrijgegeven voor adoptie of opnieuw in hun habitat of in een voor de soort geschikt dierhouderijsysteem worden geplaatst, indien:
a. de gezondheidstoestand van het dier het toelaat;
b. geen gevaar bestaat voor de volksgezondheid, de diergezondheid of het milieu; en
c. passende maatregelen genomen zijn om het welzijn van het dier te waarborgen.