Art. 67 CW, De financiële verantwoording van het Rijk

Comptabiliteitswet (CW)

1. Onze Minister van Financiën zendt uiterlijk op 15 mei van het jaar volgend op het begrotingsjaar aan de Algemene Rekenkamer: Van zijn opmerkingen doet hij tevens mededeling aan Onze betrokken ministers.

a. de financiële verantwoordingen, bedoeld in artikel 65, eerste lid;

b. de samenvattende rapporten, bedoeld in artikel 22, vijfde lid;

c. de opmerkingen waartoe de onder a bedoelde stukken hem eventueel aanleiding geven;

d. de financiële verantwoording van het Rijk, bedoeld in artikel 66, eerste lid.

2. De Rekenkamer stelt met betrekking tot elke financiële verantwoording, bedoeld in artikel 65, eerste lid, een rapport op van het door haar verrichte onderzoek, bedoeld in artikel 51.

3. De Rekenkamer stelt met betrekking tot de financiële verantwoording van het Rijk, bedoeld in artikel 66, eerste lid, een verklaring van goedkeuring op.

4. De verklaring van goedkeuring wordt gegeven onder voorbehoud van de vaststelling van de slotwetten, bedoeld in artikel 10, tweede lid, aanhef en onder c, en in voorkomende gevallen onder voorbehoud van de vaststelling van een indemniteitswet, bedoeld in artikel 56.