Art. 7 Gratieregeling 1976

Gratieregeling 1976

1. Het rechterlijk advies is met redenen omkleed en ondertekend.

2. Zo het rechterlijk advies niet met eenparigheid van stemmen is vastgesteld, wordt het gevoelen van de minderheid met de daarvoor aangevoerde gronden en de verhouding der stemmen in het advies medegedeeld, indien het college dit in het belang van de zaak nuttig acht, een lid van de minderheid dit verlangt of daartoe van Onzentwege het verzoek is gedaan.