Art. 16 NaBW, Rechtsgevolgen van de aanwijzing
1. Het is verboden een beschermd natuurmonument te verontreinigen, daarin planten, bloemen of takken uit te steken, te plukken, af te snijden of te vervoeren, dieren te verontrusten, te vangen of te doden of zulks te pogen of in het algemeen daarin schade aan de natuur toe te brengen.
2. Dit verbod geldt niet:
a. voor de eigenaar en de gebruiker en hun huisgenoten, onverminderd het bij de artikelen 12 en 14, derde lid, bepaalde;
b. voor derden, voor zover zij handelingen verrichten, die het gevolg zijn van de uitvoering van een overeenkomst, welke de eigenaar of de gebruiker met hen heeft aangegaan vóór de aanwijzing als beschermd natuurmonument dan wel na de aanwijzing met inachtneming van de uit de artikelen 12 en 14 voor hem voortvloeiende verplichtingen;
c. voor derden, voor zover zij handelingen verrichten, waarvoor Onze Minister ontheffing heeft verleend.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Rb. Oost-Brabant 10 februari 2016, ECLI:NL:RBOBR:2016:503
- Rb. Limburg 13 oktober 2023, ECLI:NL:RBLIM:2023:6376
- ABRvS 31 maart 2000, ECLI:NL:RVS:2000:AB1152
- ABRvS 18 december 2013, ECLI:NL:RVS:2013:2462
- ABRvS 18 juli 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX1856
- ABRvS 17 juli 2002, ECLI:NL:RVS:2002:AE5458
- ABRvS 17 juli 2002, ECLI:NL:RVS:2002:AE5454
- ABRvS 20 maart 2002, ECLI:NL:RVS:2002:AE0397
- ABRvS 20 maart 2002, ECLI:NL:RVS:2002:AE0370
- Rb. 's-Hertogenbosch 24 juli 2007, ECLI:NL:RBSHE:2007:BB0214
- Rb. Noord-Nederland 26 januari 2017, ECLI:NL:RBNNE:2017:441