Art. 51 Mijnreglement 1964, Verkeer en vervoer
1. De toegangen tot de afdelingen van schachten en van tussenschachten en andere opbraken moeten voldoende beveiligd zijn.
2. De afdeling van schachten en van tussenschachten en andere opbraken, waarin zich de in artikel 50 bedoelde ladders bevinden, moet een voldoende doorsnede hebben, doelmatig zijn ingericht en van de overige afdelingen op voldoende wijze zijn gescheiden.
3. In schachten en in tussenschachten en andere opbraken en in hun omgeving mogen losse voorwerpen niet worden geplaatst dan in geval van noodzaak en alsdan uitsluitend op veilige wijze.