Art. 2b Visserijwet 1963, Minimummaten, gesloten tijden, welzijnsregels en andere maatregelen in het belang van de visserij
1. Onze Minister is bevoegd ter voorkoming of bestrijding van ziekte onder de vis, regelen te stellen ten aanzien van het uitoefenen van de visserij.
2. Vervallen.
3. Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder vis mede begrepen de vissen, schaal- en schelpdieren van andere dan de overeenkomstig het bepaalde in artikel 1, tweede lid, aangewezen soorten.