Art. 2 Instellingsbesluit Bedrijfschap Groothandel en Tussenpersonen in Aardappelen
Instellingsbesluit Bedrijfschap Groothandel en Tussenpersonen in Aardappelen
1. Het bedrijfschap is ingesteld voor de ondernemingen, waarin de groothandel of het bedrijf van commissionnair of van tussenpersoon in aardappelen wordt uitgeoefend al dan niet tezamen met het bedrijf van het sorteren, het wassen of het stomen van aardappelen.
2. Dit besluit verstaat onder: groothandel in aardappelen: het bedrijf van tussenpersoon in aardappelen: het bedrijf van het op naam van anderen sluiten van koop- en verkoopovereenkomsten met betrekking tot aardappelen of van het, anders dan door het houden van veilingen, bemiddelen bij het tot stand komen van zodanige koop- en verkoopovereenkomsten; aardappelen: alle aardappelen, al dan niet gestoomd, ongeacht het doel, waarvoor zij zijn bestemd; wet: de Wet op de Bedrijfsorganisatie (Stb. 1950, K 22).
a. het bedrijf van het kopen van aardappelen met uitzondering van pootaardappelen, en het - al dan niet na stomen - verkopen daarvan aan wederverkopers of - tenzij dit geschiedt in verband met het verkopen van aardappelen aan particulieren - aan instellingen of aan personen, die het gekochte in een door hen gedreven onderneming aanwenden;
b. het bedrijf van het kopen van pootaardappelen en het verkopen daarvan aan wederverkopers of aan personen, die het gekochte in een door hen gedreven onderneming aanwenden, al dan niet tezamen met het verkopen van pootaardappelen aan particulieren;
3. Dit besluit verstaat onder groothandel niet de aanvoer-, transito- en driehoekshandel en onder het bedrijf van commissionnair of van tussenpersoon niet het bedrijf van commissionnair of van tussenpersoon op het terrein van laatstbedoelde vormen van handel.