Art. 2 Instellingswet Productschap voor Siergewassen
Instellingswet Productschap voor Siergewassen
1. Het productschap is ingesteld voor de ondernemingen, waarin: siergewassen worden geteeld; de handel - met uitzondering van de aanvoer-, transito- en driehoekshandel - in siergewassen of delen daarvan wordt uitgeoefend; hovenierswerkzaamheden worden verricht.
2. Als ondernemingen, bedoeld in het eerste lid, worden mede aangemerkt veilingen van de in dat lid bedoelde producten.
3. In deze wet wordt verstaan onder siergewassen:
1e. bollen, knollen en wortelstokken van bloemgewassen;
2e. bloemkwekerijproducten, daaronder begrepen voortkwekingsmateriaal met uitzondering van zaden;
3e. boomkwekerijproducten, daaronder begrepen voortkwekingsmateriaal met uitzondering van zaden.
4. In deze wet wordt mede verstaan onder: siergewassen: vruchtbomen - met inbegrip van kleinfruitteeltgewassen -, vruchtboomonderstammen, plantgoed van aardbeien, bos- en haagplantsoen, rozenonderstammen, kerstbomen en in het wild gegroeide producten, welke met het oog op de sierwaarde in het economisch verkeer worden gebracht; handel: de werkzaamheid van tussenpersonen.