Art. 18a Besluit instelling Generale Commissie ex artikel 3 Zuiderzeesteunwet 1925, Algemeene bepalingen

Besluit instelling Generale Commissie ex artikel 3 Zuiderzeesteunwet 1925

De leden der plaatselijke commissiën ontvangen vergoeding voor reis- en verblijfkosten, alsmede een door Onzen Minister van Waterstaat, met medewerking van Onzen Minister van Financiën, vast te stellen presentiegeld voor elke vergadering der plaatselijke comissiën, welke zij hebben bijgewoond.

Indien op denzelfden dag meer dan één vergadering plaats heeft, wordt slechts éénmaal presentiegeld ontvangen.

De secretarissen - lid der commissie zijnde - die reeds een vaste vergoeding genieten, ontvangen geen presentiegeld.