Art. 539h Sv, Toepassing van enige bijzondere dwangmiddelen
Wetboek van Strafvordering (Sv)
1. De verdachte kan slechts worden aangehouden:
1°. ingeval van ontdekking op heterdaad van een misdrijf, door een ieder;
2°. ingeval van ontdekking op heterdaad van een overtreding, door een opsporingsambtenaar, een commandant, een schipper en een gezagvoerder van een luchtvaartuig;
3°. buiten het geval van ontdekking op heterdaad, indien het een misdrijf of het strafbare feit omschreven in artikel 435 onder 4°. van het Wetboek van Strafrecht betreft, door een opsporingsambtenaar, een commandant, een schipper en een gezagvoerder van een luchtvaartuig.
2. De officier van justitie kan in de gevallen, genoemd in het vorige lid, de aanhouding van de verdachte bevelen.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Hof Den Haag 21 maart 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:1006
- Conclusie A-G Vegter 30 juni 2015, ECLI:NL:PHR:2015:1755
- Conclusie A-G Vegter 30 juni 2015, ECLI:NL:PHR:2015:1754
- Conclusie A-G Vegter 30 juni 2015, ECLI:NL:PHR:2015:1753
- Conclusie A-G Vegter 30 juni 2015, ECLI:NL:PHR:2015:1752
- HR 22 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3684
- HR 22 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3683
- HR 22 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3682
- HR 22 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3640
- Hof Den Haag 21 maart 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:1007