Art. 510 Sv, Vervolging en berechting van rechterlijke ambtenaren
Wetboek van Strafvordering (Sv)
1. Indien een rechterlijk ambtenaar voor zijne rechtbank, zijn gerechtshof of voor een gerecht binnen het ressort van zijne rechtbank of zijn gerechtshof zou moeten worden vervolgd en berecht, wordt, op verzoekschrift van het openbaar ministerie naar de gewone regelen met de vervolging belast, door den Hoogen Raad een ander gerecht van gelijken rang als het anders bevoegde aangewezen, voor hetwelk de vervolging en berechting der zaak zal plaats hebben.
2. Niettemin kunnen de spoedeischende maatregelen van de vervolging die aan het rechtsgeding voorafgaat, ook bij of door het anders bevoegde gerecht worden genomen.
3. De aanwijzing geldt ook voor de mede-verdachten van den rechterlijken ambtenaar.
4. Bij het verzoekschrift worden de processtukken en, voor zoover noodig, de stukken van overtuiging overgelegd.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 17 februari 2004, ECLI:NL:HR:2004:AO3669
- HR 13 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BU3447
- Conclusie 8 december 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1529
- Conclusie A-G Silvis 13 december 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BU3447
- HR 22 januari 2019, ECLI:NL:HR:2019:76
- HR 11 oktober 2005, ECLI:NL:HR:2005:AU4091
- Rb. Amsterdam 11 juli 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:4146
- HR 4 maart 2014, ECLI:NL:HR:2014:488
- HR 9 september 2008, ECLI:NL:HR:2008:BF0713
- HR 15 januari 2008, ECLI:NL:HR:2008:BB4853
- HR 13 november 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD5455
- Rb. 's-Hertogenbosch 30 juni 2011, ECLI:NL:RBSHE:2011:BQ9814
- Rb. 's-Gravenhage 11 juni 2012, ECLI:NL:RBSGR:2012:BX4902
- Rb. Den Haag 31 mei 2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:5431
- Rb. Den Haag 1 november 2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:11385
- Rb. Breda 18 april 2007, ECLI:NL:RBBRE:2007:BA3352
- Rb. Amsterdam 12 juli 2013, ECLI:NL:RBAMS:2013:4467
- Conclusie A-G Bleichrodt 14 oktober 2025, ECLI:NL:PHR:2025:1115
- Conclusie A-G Bleichrodt 10 januari 2023, ECLI:NL:PHR:2023:48
- Conclusie A-G Spronken 14 december 2021, ECLI:NL:PHR:2021:1178