Art. 15 Spoorwegwet 1875, Van het toezigt op de spoorwegen

Spoorwegwet 1875

De Minister van Verkeer en Waterstaat is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang ter handhaving van zijn beslissing, indien de bestuurders van de spoorwegdienst de bevolen herstellingen of vernieuwingen aan de spoorweg of aan de daartoe behorende werken en gebouwen niet uitvoeren, of niet tot de door hem nodig geachte aanvulling van behoeften voor de dienst of van het getal beambten of bedienden overgaan.