Art. 21 RO, De organisatie van de gerechten
Wet op de rechterlijke organisatie (RO)
1. Het bestuur stelt een zaaksverdelingsreglement vast, waarin per zittingsplaats wordt bepaald voor welke categorieën van zaken in die zittingsplaats zittingen worden gehouden. Daarbij wordt in ieder geval rekening gehouden met het belang van een goede toegankelijkheid van rechtspraak.
2. Alvorens het bestuur van de rechtbank het zaaksverdelingsreglement vaststelt, stelt het de hoofdofficier van justitie in de gelegenheid zijn zienswijze naar voren te brengen over hetgeen in het reglement zal worden bepaald ten aanzien van strafzaken.
3. Alvorens het bestuur van het gerechtshof het zaaksverdelingsreglement vaststelt, stelt het de landelijk hoofdadvocaat-generaal in de gelegenheid zijn zienswijze naar voren te brengen over hetgeen in het reglement zal worden bepaald ten aanzien van strafzaken.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 21 april 2023, ECLI:NL:HR:2023:658
- HR 19 juni 1985, ECLI:NL:HR:1985:2
- Rb. Rotterdam 24 juli 2013, ECLI:NL:RBROT:2013:6884
- Rb. Oost-Brabant 24 juni 2021, ECLI:NL:RBOBR:2021:2994
- Rb. Amsterdam 27 februari 2013, ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ7211
- Conclusie A-G Wesseling-van Gent 14 juni 2024, ECLI:NL:PHR:2024:644
- Conclusie A-G Silvis 10 november 2020, ECLI:NL:PHR:2020:1050
- Conclusie A-G Machielse 11 oktober 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AR6605
- Hof Amsterdam 14 maart 2002, ECLI:NL:GHAMS:2002:BM4591