Art. 107 RO, RAAD VOOR DE RECHTSPRAAK
Wet op de rechterlijke organisatie (RO)
1. In geval van ongeschiktheid anders dan wegens ziekte kan Onze Minister een of meer leden van de Raad voordragen voor ontslag als lid van de Raad. In geval van een ernstig vermoeden voor het bestaan van ongeschiktheid anders dan wegens ziekte, kan Onze Minister een of meer leden van de Raad voordragen voor schorsing als lid van de Raad.
2. De schorsing of het ontslag geschiedt bij koninklijk besluit.
3. Indien alle leden van de Raad zijn geschorst of ontslagen, kan Onze Minister bij de Raad een of meer tijdelijke bewindvoerders aanstellen. Artikel 84, zesde lid, is van overeenkomstige toepassing. Bij de aanstelling wordt een termijn bepaald voor de bewindvoering.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 17 april 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB1458
- Conclusie A-G Spier 19 januari 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AA9557
- Conclusie A-G Bakels 12 januari 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AA9441
- Conclusie A-G Bakels 25 februari 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA4947
- Conclusie A-G Timmerman 21 november 2014, ECLI:NL:PHR:2014:2244
- Conclusie A-G Fokkens 23 april 2002, ECLI:NL:PHR:2002:ZD2844
- Conclusie A-G Jörg 20 november 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AD5148
- Conclusie A-G De Vries Lentsch 9 juni 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA6156
- Conclusie A-G Bakels 19 mei 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA5870
- Conclusie A-G Vranken 27 mei 1994, ECLI:NL:PHR:1994:22
- HR 16 maart 1999, ECLI:NL:HR:1999:ZD1144