Art. 380 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, Verzet door derden
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Bij wettiging van het verzet wordt het vonnis, waartegen dit gerigt is geweest, alleen in zoo verre verbeterd als het de regten van derden heeft benadeeld, ten zij het onsplitsbare der gevallene uitspraak eene geheele vernietiging daarvan noodzakelijk mogt maken.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Hof Amsterdam 21 april 2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:1282
- Rb. Oost-Brabant 28 mei 2014, ECLI:NL:RBOBR:2014:2890
- Rb. Gelderland 29 december 2021, ECLI:NL:RBGEL:2021:7020
- Conclusie A-G Vlas 9 maart 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU9884
- Conclusie A-G Bakels 8 januari 1999, ECLI:NL:PHR:1999:3
- Hof 's-Gravenhage 6 september 2011, ECLI:NL:GHSGR:2011:BS8889
- Hof 's-Gravenhage 24 maart 2009, ECLI:NL:GHSGR:2009:BH9023
- Hof Amsterdam 28 december 2010, ECLI:NL:GHAMS:2010:BO9102