Art. 133 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, De dagvaardingsprocedure in eerste aanleg
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
1. De rechter stelt de termijnen voor het nemen van de conclusies vast.
2. Partijen kunnen uitstel vragen voor het nemen van conclusies. De rechter volgt een daartoe strekkend, eenstemmig verzoek van partijen, tenzij dit zou leiden tot onredelijke vertraging van het geding.
3. Het eerste en het tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op de termijnen voor het verrichten van andere proceshandelingen dan conclusies en op de mogelijkheid om daarvoor uitstel te krijgen.
4. Wanneer een proceshandeling niet is verricht binnen de daarvoor gestelde termijn en daarvoor geen uitstel kan worden verkregen, vervalt het recht om de desbetreffende proceshandeling te verrichten.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 17 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:1064
- HR 3 juni 2022, ECLI:NL:HR:2022:824
- HR 10 februari 2006, ECLI:NL:HR:2006:AU6519
- HR 16 december 2022, ECLI:NL:HR:2022:1873
- HR 18 maart 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP0571
- HR 6 oktober 2017, ECLI:NL:HR:2017:2568
- HR 24 september 2010, ECLI:NL:HR:2010:BM7671
- HR 16 december 2022, ECLI:NL:HR:2022:1875
- HR 26 mei 2023, ECLI:NL:HR:2023:776
- Conclusie A-G Wesseling-van Gent 10 februari 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AU6519
- HR 13 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:596
- HR 16 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:364
- Conclusie A-G Wissink 11 oktober 2024, ECLI:NL:PHR:2024:1049
- Conclusie A-G Wesseling-van Gent 1 juli 2022, ECLI:NL:PHR:2022:658
- Conclusie A-G Wesseling-van Gent 7 februari 2014, ECLI:NL:PHR:2014:47
- Hof Amsterdam 6 februari 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:408
- Rb. Amsterdam 25 maart 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:1780
- Conclusie A-G Wesseling-van Gent 2 december 2022, ECLI:NL:PHR:2022:1139
- Conclusie A-G de Bock 24 december 2021, ECLI:NL:PHR:2021:1228
- Conclusie A-G Wesseling-van Gent 30 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:661