Art. 71 Verordening (EU) 2024/1781, Formele non-conformiteit
1. Wanneer een lidstaat een van de volgende feiten vaststelt, eist die lidstaat dat de betrokken marktdeelnemer de desbetreffende non-conformiteit beëindigt:
a) de CE-markering is in strijd met artikel 30 van Verordening (EG) nr. 765/2008 of met artikel 46 van de onderhavige verordening aangebracht;
b) de CE-markering is niet aangebracht;
c) het identificatienummer van de aangemelde instantie is in strijd met artikel 46 aangebracht of is niet aangebracht, ondanks dat dit vereist is;
d) er is geen EU-conformiteitsverklaring opgesteld;
e) de EU-conformiteitsverklaring is niet correct opgesteld;
f) de technische documentatie is niet beschikbaar, is onvolledig of bevat fouten;
g) de in artikel 27, lid 6, of artikel 29, lid 3, bedoelde informatie ontbreekt, is onjuist of is onvolledig;
h) er is niet voldaan aan een andere administratieve vereiste in artikel 27 of artikel 29 of in de toepasselijke op grond van artikel 4 vastgestelde gedelegeerde handeling.
2. Wanneer de in lid 1 bedoelde non-conformiteit voortduurt, neemt de betrokken lidstaat alle passende maatregelen om het op de markt aanbieden van het product te beperken of te verbieden, of om te verzekeren dat het product wordt teruggeroepen of uit de handel wordt genomen.