Art. 1 Verordening (EU) 2024/1356, Onderwerp
Bij deze verordening wordt bepaald dat:
a) onderdanen van derde landen aan de buitengrenzen van de lidstaten die, zonder aan de toegangsvoorwaarden die zijn bepaald in artikel 6 van Verordening (EU) 2016/399, te voldoen, de buitengrens onrechtmatig hebben overschreden, tijdens grenscontroles om internationale bescherming hebben verzocht, of na een opsporings- en reddingsoperatie zijn ontscheept, gescreend worden alvorens zij naar de passende procedure worden doorverwezen, en
b) onderdanen van derde landen die illegaal op het grondgebied van de lidstaten verblijven wanneer er geen aanwijzingen zijn dat zij aan een buitengrens zijn gecontroleerd, gescreend worden alvorens zij naar de passende procedure worden doorverwezen.
De screening strekt ertoe de controle van onderdanen van derde landen die de buitengrenzen overschrijden, te versterken, alle onderdanen van derde landen die aan screening onderworpen zijn, te identificeren en aan de hand van de relevante databanken te controleren of de aan de screening onderworpen personen een bedreiging zouden kunnen vormen voor de binnenlandse veiligheid. De screening omvat in voorkomend geval ook voorlopige medische controles en beoordelingen van de kwetsbaarheid om personen die gezondheidszorg nodig hebben en personen die een gevaar voor de volksgezondheid zouden kunnen vormen te identificeren en kwetsbare personen te identificeren. Dergelijke controles vergemakkelijken de doorverwijzing van die personen naar de passende procedure.
Deze verordening voorziet ook in een onafhankelijk toezichtmechanisme in elke lidstaat om erop toe te zien dat tijdens de screening het Unierecht en het internationaal recht, met inbegrip van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie (het “Handvest”), worden nageleefd.