Art. 54 Verordening (EU) 2023/1114, Belegging van in ruil voor e-moneytokens ontvangen geldmiddelen
Geldmiddelen die uitgevers van e-moneytokens in ruil voor e-moneytokens ontvangen en die overeenkomstig artikel 7, lid 1, van Richtlijn 2009/110/EG zijn veiliggesteld, moeten aan de volgende voorwaarden voldoen:
a) ten minste 30 % van de ontvangen geldmiddelen wordt steeds op afzonderlijke rekeningen bij kredietinstellingen gestort;
b) de resterende ontvangen geldmiddelen worden belegd in veilige activa met een lage risicograad die overeenkomstig artikel 38, lid 1, van deze verordening kunnen worden aangemerkt als zeer liquide financiële instrumenten met minimaal markt-, krediet- en concentratierisico, en luiden in dezelfde officiële valuta luiden die waarnaar de e-moneytoken verwijst.