Art. 10 Richtlijn (EU) 2022/2041, Monitoring en gegevensverzameling

Richtlijn (EU) 2022/2041

1. De lidstaten nemen passende maatregelen om ervoor te zorgen dat er doeltreffende instrumenten voor gegevensverzameling voorhanden zijn om toezicht te houden op de bescherming door minimumlonen.

2. De lidstaten melden om de twee jaar en vóór 1 oktober van het verslagjaar de volgende gegevens en informatie aan de Commissie:

a) het niveau en de ontwikkeling van de dekkingsgraad van collectieve onderhandelingen;

b) inzake wettelijke minimumlonen:

i) het bedrag van het wettelijk minimumloon en het percentage werknemers dat een wettelijk minimumloon ontvangt;

ii) een beschrijving van de bestaande variaties en inhoudingen alsook de redenen voor de invoering ervan en het aandeel werknemers waarop variaties van toepassing zijn, voor zover gegevens beschikbaar zijn;

c) inzake bescherming door minimumlonen, uitsluitend vastgelegd in collectieve arbeidsovereenkomsten:

i) de laagste lonen die zijn vastgelegd in collectieve arbeidsovereenkomsten voor laagbetaalde werknemers of een raming daarvan, indien de verantwoordelijke nationale autoriteiten niet over nauwkeurige gegevens beschikken, en het aandeel werknemers dat onder deze overeenkomsten valt of een raming daarvan, indien de verantwoordelijke nationale autoriteiten niet over nauwkeurige gegevens beschikken;

ii) het niveau van de lonen die betaald worden aan werknemers die niet onder collectieve arbeidsovereenkomsten vallen, en de verhouding ervan tot het niveau van de lonen die betaald worden aan werknemers die onder collectieve arbeidsovereenkomsten vallen.

De lidstaten die onder de in de eerste alinea, punt c), bedoelde rapportageverplichtingen vallen dienen ten minste met betrekking tot sectorale, geografische en andere collectieve arbeidsovereenkomsten met meerdere werkgevers, met inbegrip van collectieve arbeidsovereenkomsten die algemeen verbindend zijn verklaard, verslag uit te brengen over de in dat punt, punt i), bedoelde gegevens.

De lidstaten verstrekken de in dit lid bedoelde statistieken en gegevens uitgesplitst naar gender, leeftijdsgroep, handicap, bedrijfsgrootte en sector, voor zover beschikbaar.

Het eerste verslag gaat over 2021, 2022 en 2023 en wordt uiterlijk op 1 oktober 2025 ingediend. De lidstaten kunnen statistieken en gegevens die niet vóór 15 november 2024 beschikbaar zijn, achterwege laten.

3. De Commissie analyseert de gegevens en informatie die lidstaten in de in lid 2 van dit artikel bedoelde verslagen en in de in artikel 4, lid 2, bedoelde actieplannen verstrekken. Zij brengt in dat verband om de twee jaar verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad en publiceert tegelijkertijd de door de lidstaten toegezonden gegevens en informatie.

Vorige artikelen

Volgende artikelen