Art. 143 Verordening (EU) 2021/2115, Algemene bepalingen
1. De lidstaten verstrekken de Commissie de beschikbare informatie die nodig is om de in artikel 141 bedoelde monitoring en evaluatie van het GLB te kunnen verrichten.
2. De gegevens die nodig zijn voor de context- en impactindicatoren zijn hoofdzakelijk afkomstig van bestaande gegevensbronnen, zoals het informatienet inzake landbouwbedrijfsboekhoudingen en Eurostat. Als de gegevens voor deze indicatoren niet beschikbaar of niet volledig zijn, worden de lacunes verholpen in de context van het Europees statistisch programma dat krachtens Verordening (EG) nr. 223/2009 van het Europees Parlement en de Raad (51) is opgericht, het informatienet inzake landbouwbedrijfsboekhoudingen vastgesteld bij Verordening (EG) nr. 1217/2009 van de Raad (52), of via formele overeenkomsten met andere gegevensverstrekkers zoals het Gemeenschappelijk Centrum voor onderzoek en het Europees Milieuagentschap.
3. Gegevens uit administratieve registers zoals het in artikel 65, lid 2, van Verordening (EU) 2021/2116 bedoelde geïntegreerd systeem, het in artikel 68 van die verordening bedoelde systeem voor de identificatie van de landbouwpercelen, en dier- en wijnbouwregisters worden ook gebruikt voor statistische doeleinden, in samenwerking met statistische instanties van de lidstaten en Eurostat.
4. De Commissie kan uitvoeringshandelingen vaststellen, waarin regels aangaande de door de lidstaten te verstrekken informatie worden opgenomen, waarbij zij rekening houdt met de noodzaak overbodige administratieve lasten te voorkomen, alsmede de gegevensbehoeften en de synergieën tussen potentiële gegevensbronnen. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 153, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.